Je start in Bilbao, waar je meteen wordt overrompeld door architectuur die je doet denken: ‘Hoe haalt zo’n gebouw dat nou?’ En dan beginnen we nog niet eens over de tapas. Want die zijn hier zo goed dat je na één hap al aan je tweede biertje begint. Deze reis is geen race, het is een genietmars. In meerdere steden verblijf je twee nachten, dus je hoeft niet elke ochtend je koffers te sleuren alsof je op de vlucht bent voor de Spaanse douane.
Wandelen in de Picos de Europa? Ja, als je wilt. Die bergen zien eruit alsof iemand een gigantische legobouwset heeft losgelaten op Noord-Spanje. En de Lagos de Covadonga? Die zien eruit alsof iemand ze heeft geschilderd met een blauwe verfkwast uit het hemelatelier. Je kunt ook gewoon een stoel pakken in een dorpje, een glas Rioja bestellen en denken: ‘Ik had hier al jaren kunnen wonen.’
Oviedo, Santiago de Compostela, Olite – klinkt alsof het een boyband is, maar het zijn steden vol verhalen, kathedrales en muurschilderingen die ouder zijn dan je opa’s grapjes. In Santiago loop je over de Camino, of je nu bedoeld hebt te pelen of niet. En Olite? Dat is het dorp waar je denkt: ‘Wacht, dit bestaat echt?’ Met een kasteel dat eruitziet alsof er elk moment een prinses uit het raam kan steken.
Je bezoekt het Guggenheim, of een obscuur wijnhuis in La Rioja, waar iemand je serieus vertelt dat deze wijn ‘aarbeien met een vleugje eekhoorn’ smaakt. Of je het gelooft of niet, je proeft het. En je geniet. Want dat is het idee van deze trip: niet rennen, niet checken, maar zitten, lopen, kijken, proeven. En af en toe denken: ‘Waarom woon ik hier niet?’ Hotel, Spanje, Spanje, Spanje
Meer informatie hier is de info
