Stap je in Sevilla uit het vliegtuig en denk je: waar moet ik nu slapen, eten, en waar kan ik mijn tas dumpen zonder dat ik met een muilezel door de Sierra moet trekken? Grote win: Hotel Vincci La Rabida. Het ligt zo midden in de binnenstad dat je met je slippers aan al bijna alles bereikt. De kathedraal? Loop erheen. De arena waar vroeger stieren moesten bloeden voor hun brood? Twintig minuten lopen. De opera? Die staat ook gewoon om de hoek, alsof je in een Spaanse telenovela terechtkwam.
Het hotel zit in een rustige zijstraat van de wijk Arenal. Dus ja, je hebt het centrum, maar je hoeft niet wakker te worden van een dronken Duitse man die ‘Volleeeerrrr!’ roept om 03:17. Dat is luxe. En als je toch echt geen zin hebt om te lopen, ligt een halte van het openbaar vervoer op 200 meter. Trek je schoenen aan, of niet. Je mag hier zijn wie je wilt.
De kamers? Ze doen wat ze moeten doen. Geen goud om de muren, maar wel een fatsoenlijke douche en een bed waar je niet wakker wordt met de vraag of je in een middeleeuws kasteel bent beland. Je wordt hier niet wakker met een stier op je balkon. Dat is al iets.
Eten? Sevilla eet graag. En veel. Denk tapas, denk flamenco in je maag. Vanaf het hotel loop je langs bars die zo oud zijn dat ze waarschijnlijk nog weten wie Goya was. Bestel iets wat je niet kan uitspreken. Dat is altijd een goed idee.
Zorg wel dat je een plekje vindt in de tuin. Of op het terras. Of op de trap. Want hier wil je zitten. Met een glas manzanilla of iets sterkers. Terwijl de zon ondergaat en de stad begint te gloeien als een paella op hoog vuur.
Dit is geen resort waar je binnenkomt en denkt: ‘Wauw.’ Dit is Sevilla. Dit is leven. En dit hotel zorgt dat je er middenin staat, zonder dat je je schoenen kwijt bent. Hotel, Andalusië, Sevilla, Spanje
Meer informatie check de link
