Je denkt: ik ben volwassen. Ik drink koffie uit een reisbeker met de naam van mijn kind erop. Ik heb een spreadsheet voor mijn weekend. En dan: de Efteling. Dan word je een kind met een hart van malletpudding. Hier lopen sprookjes gewoon rond, alsof het normaal is dat een kabouter je vraagt of je een wafel wil. En jij zegt ja, want waarom ook niet? Je leven is al gek genoeg.
Rij je op de Baron 1898, dan denk je: dit is geen achtbaan, dit is een therapeut. Die duik in het water? Een metafoor voor je eigen dieptepunt, maar dan met meer schreeuwen en minder huilen. Je komt nat, nat en blij buiten. En als je dan toch bezig bent met emotionele catharsis, spring dan ook nog eens in de Python. Twee keer rond, net als je ex in de IKEA-keuken.
Maar het mooiste? Je mag hier met een glaasje wijn in je hand door een middeleeuws dorpje lopen alsof je in een sprookje hoort. Want waarom zou je dat niet doen? De kinderen rennen vooruit, jij achterna met een beker chocomelk die net zo warm is als je nostalgie. En dan, als de zon ondergaat en de lichtjes aangaan, denk je: hier hoor ik. Tussen de draak, het spookslot en de man die al drie uur op dezelfde bank zit omdat hij geen zin heeft om te zoeken waar de kinderen zijn.
De Efteling is geen pretpark. Het is een plek waar volwassenen mogen gillen, kinderen mogen dromen en iedereen mag doen alsof magie echt bestaat. En als je dan toch gelooft in feeën, waarom dan niet ook in een tweede portie friet?
Meer weten? hier is de info
