Stap uit de auto, knipper met je ogen, en ja – dit is niet Photoshop. Arolithos ligt daar, rustig op een heuvel, alsof het zegt: “Ik ben er al duizend jaar, en ik ga nergens heen.” Het uitzicht? Een wild, romantisch gebergte dat eruitziet alsof het door een Griekse god is geschilderd met een beetje te veel rode wijn op. Je krijgt het gevoel dat je in een sprookje terecht bent gekomen, alleen dan met betere koffie en minder dwergen.
Loop je dorpje in, en je denkt: “Ah, hier koop ik mijn souvenirs.” Maar wacht – je bent nog steeds op drie kilometer van Tylissos, waar de Minoïsche huizen stenen roddels vertellen over vijfduizend jaar geleden. Vijf kilometer verderop ligt Gázi, met winkels, restaurants en bars die zeggen: “Kom binnen, we hebben olijven én wifi.” En ja, het strand is op vijf kilometer, turkooisblauw, en bereikbaar met de auto. Of met een ezel, als je dat avontuurlijker wilt.
Heraklion? Twaalf kilometer. Daar wachten het archeologische museum, het historische museum, en een stad die weet hoe je feest moet vieren zonder je sandalen kwijt te raken. En als je denkt: “Is er nog meer?”, dan zeg ik: “Ja, natuurlijk.” Knossos op twintig kilometer – daar woonde de Minotaurus, en nee, die is niet op de kindermenu. Phaestos op tachtig kilometer? Pak de auto, een fles water en een goede playlist. Het is het waard.
Twee luchthavens in de buurt. Want als je eenmaal hier bent, wil je misschien nooit meer weg. Of wel, maar dan met een volle tas olijven en een ziel die zwaait. Hotel, Kreta, Arolithos, Griekenland
Meer weten? check de link
