Bonn. Ja, dat is waar Beethoven vandaan komt. Maar ook waar je zonder Beethovendrum nog steeds een hoop te beleven hebt. Denk aan wandelen langs de Rijn, waar de zon net zo lang op je hoofd schijnt als jij zelf tijd hebt. Geen drukte, geen gedoe. Gewoon een stad die zachtjes zegt: “Hé, wil je koffie? En misschien een beetje cultuur?” En dan bedoel ik niet alleen musea. Nee, ook de man die op straat op zijn accordeon speelt alsof hij net uit een Duitse sprookjesfilm is gestapt, telt mee.
Je overnacht in het Dorint Hotel, waar je bed net zo zacht is als de Duitse uitspraak van “Rhein” – dus goed, maar met een vleugje drama. Het ontbijt? Uitgebreid genoeg om je moe te eten. Denk aan brood zo vers dat het bijna zelf begint te zingen, en kaas die je met een mes moet overtuigen om van het bord te komen. En het centrum van Bonn? Recht voor je neus. Je hoeft alleen maar de deur uit en linksaf, of rechtsaf, of gewoon rechtdoor – het is allemaal goed.
Loop langs de oude huizen, kijk naar de bomen die net doen of ze sinds de achttiende eeuw al stilstaan, en eet een Döner die net iets beter is dan je zou durven hopen. Of neem de tram naar Bad Godesberg, waar de heuvels denken dat ze in Zuid-Frankrijk zitten, maar dan zonder de prijzen.
Drie dagen Bonn. Lang genoeg om te ontdekken dat je Duitsers toch snapt, kort genoeg om niet te vergeten hoe je “dank je wel” zegt. En lang genoeg om één keer per dag te denken: “Wacht, dit mag ik gewoon?” Ja. Dat mag je.
Meer informatie klik voor details
